Theoriq
πŸ₯ Eerste hulp en veiligheid

EHBO-handelingen

Les 2 van 37 min leestijd
Eerste hulp verlenen

Als bestuurder kun je als eerste bij een ongeval aankomen. Basiskennis van EHBO kan het verschil maken tussen leven en dood. In Nederland overlijden jaarlijks duizenden mensen aan een plotselinge hartstilstand β€” vaak op straat of in het verkeer. In dit hoofdstuk leer je de belangrijkste levensreddende handelingen die je als automobilist moet kennen.

Ambulance met hulpverlenersAmbulance met hulpverleners

Stabiele zijligging

De stabiele zijligging is bedoeld voor een slachtoffer dat wel ademt maar niet bij bewustzijn is. Het doel is voorkomen dat het slachtoffer stikt in braaksel of dat de tong de luchtweg blokkeert.

Voorbeeld: Je komt aan bij een ongeval. De bestuurder hangt slap in zijn gordel. Je maakt de gordel los en controleert: hij reageert niet op aanspreken of schudden, maar je voelt zijn ademhaling wΓ©l. Je legt hem voorzichtig in de stabiele zijligging en wacht op de ambulance terwijl je zijn ademhaling in de gaten houdt.

Hoe leg je iemand in de stabiele zijligging?

  1. Kniel naast het slachtoffer
  2. Leg de arm die het dichtst bij jou is in een rechte hoek naast het hoofd (bovenarm haaks op het lichaam, onderarm omhoog)
  3. Pak de andere hand en leg deze met de rug van de hand tegen de wang van het slachtoffer (vasthouden!)
  4. Pak de verste knie en trek deze omhoog (voet plat op de grond)
  5. Trek het slachtoffer naar je toe door aan de opgetrokken knie te trekken
  6. Leg de bovenste knie in een rechte hoek zodat het slachtoffer stabiel ligt
  7. Kantel het hoofd achterover zodat de luchtweg vrij blijft
  8. Open de mond licht zodat vloeistof kan wegvloeien
  9. Controleer regelmatig de ademhaling (elke minuut)

Let op: Bij vermoeden van een ruggenwervelletsel mag je het slachtoffer alleen verplaatsen als er direct levensgevaar is. Een verkeerde beweging kan tot verlamming leiden.

Wanneer NIET de stabiele zijligging?

  • Als het slachtoffer wel bij bewustzijn is β€” laat hem dan in de houding zitten of liggen die het meest comfortabel is
  • Als het slachtoffer niet ademt β€” start dan met reanimatie
  • Bij een vermoeden van wervelletsel β€” alleen bij direct levensgevaar verplaatsen

Reanimatie (CPR)

Als een slachtoffer niet ademt, moet je onmiddellijk beginnen met reanimatie. De verhouding is 30 borstcompressies op 2 beademingen (30:2). Elke minuut zonder reanimatie verkleint de overlevingskans met 7 tot 10 procent.

Voorbeeld: Je treft een fietser aan die na een aanrijding bewusteloos op de grond ligt. Je controleert: geen reactie, geen ademhaling. Je roept iemand die 112 belt en een AED gaat halen. Jij begint onmiddellijk met 30 borstcompressies, gevolgd door 2 beademingen. Je stopt pas als de ambulance het overneemt.

Borstcompressies

  1. Leg het slachtoffer op een harde, vlakke ondergrond
  2. Kniel naast het slachtoffer ter hoogte van de borst
  3. Plaats de hiel van je ene hand op het midden van de borstkas, op het borstbeen (tussen de tepels)
  4. Plaats je andere hand erop en haak de vingers in elkaar
  5. Houd je armen gestrekt β€” druk vanuit je schouders, niet vanuit je armen
  6. Druk het borstbeen 5 tot 6 centimeter in
  7. Druk met een snelheid van 100 tot 120 keer per minuut (het tempo van het nummer "Stayin' Alive" van de Bee Gees)
  8. Laat de borstkas na elke compressie volledig terugveren

Voorbeeld: Je weet niet goed hoe diep je moet drukken. Vijf centimeter is ongeveer de dikte van een tennisbal. Druk stevig en snel β€” het is beter om te hard te drukken dan te zacht.

Beademing

  1. Kantel het hoofd achterover en til de kin op (hoofd-kin-lift)
  2. Knijp de neus dicht
  3. Blaas 1 seconde lucht in de mond (niet te veel)
  4. Controleer of de borstkas omhoogkomt
  5. Geef 2 beademingen, ga daarna verder met 30 compressies

Als de borstkas niet omhoogkomt, controleer dan of de luchtweg vrij is (mogelijk zit er een obstructie). Probeer het nog één keer. Lukt het niet? Ga door met alleen borstcompressies β€” die zijn het belangrijkst.

AED (Automatische Externe Defibrillator)

Een AED is een apparaat dat het hartritme kan herstellen bij een hartstilstand. In Nederland hangen er meer dan 25.000 AED's op openbare plaatsen: bij sportverenigingen, winkelcentra, stations en bedrijven.

  • Schakel de AED in en volg de gesproken instructies β€” het apparaat legt alles stap voor stap uit
  • Plak de elektroden op de ontblote borstkas (de plaatsing staat op de elektroden afgebeeld)
  • Zorg dat niemand het slachtoffer aanraakt tijdens de analyse en de schok
  • De AED bepaalt zelf of een schok nodig is β€” je kunt geen fout maken
  • Ga na de schok (of na "geen schok geadviseerd") direct door met reanimeren

Voorbeeld: Iemand brengt een AED. Je stopt even met reanimeren, opent het apparaat en volgt de gesproken instructies. De AED zegt: "Plak de elektroden op de borst." Je doet dit. "Analyseren, raak de patiΓ«nt niet aan." Na een paar seconden: "Schok geadviseerd. Druk op de knipperende knop." Je drukt op de knop. "Schok toegediend. Begin nu met reanimeren." Je gaat onmiddellijk verder met 30:2.

Stop pas met reanimeren als:

  • Het slachtoffer weer zelf ademt
  • De hulpdiensten het overnemen
  • Je fysiek niet meer kunt (wissel zo mogelijk af met andere hulpverleners)

Lees de volledige les

  • Alle 32 theorie-lessen
  • Realistische oefenexamens
  • Slimme flashcards
  • Voortgang bijhouden
Gratis account aanmaken

Al een account? Inloggen