Algemene verkeersregels

De basis van veilig rijden begint met het kennen en toepassen van de algemene verkeersregels. Deze regels vormen het fundament van het Nederlandse verkeerssysteem en worden uitgebreid getoetst op het CBR-theorie-examen.
Rechts rijden
In Nederland rijden we aan de rechterkant van de weg. Dit lijkt vanzelfsprekend, maar er zijn belangrijke nuances:
- Op een weg met meerdere rijstroken moet je zo veel mogelijk rechts houden, tenzij je gaat inhalen of linksaf slaat
- Op een weg met drie of meer rijstroken mag je de linkerrijstrook alleen gebruiken voor inhalen of voorsorteren
- Op de snelweg mag je niet onnodig de linkerrijstrook bezetten (dit heet links rijden en is verboden)
Uitzondering binnen de bebouwde kom
Binnen de bebouwde kom mag je op een weg met meerdere rijstroken in dezelfde richting zelf kiezen welke rijstrook je gebruikt. Je hoeft niet per se rechts te rijden.
Richtingaanwijzers
Je moet de richtingaanwijzer gebruiken om andere verkeersdeelnemers te waarschuwen bij:
- Afslaan (links of rechts)
- Van rijstrook wisselen
- Invoegen op een andere weg
- Wegrijden van de kant van de weg
- Inhalen (begin en einde)
- Verlaten van een rotonde
Wanneer niet knipperen?
- In een bocht die de weg maakt (je volgt de weg, je slaat niet af)
- Bij het oprijden van een rotonde (tenzij je de eerste afslag neemt)
Timing: zet de richtingaanwijzer op tijd aan, zodat andere verkeersdeelnemers kunnen anticiperen. Niet te vroeg (verwarrend) en niet te laat (geen tijd om te reageren).
Lees de volledige les
- Alle 32 theorie-lessen
- Realistische oefenexamens
- Slimme flashcards
- Voortgang bijhouden
Al een account? Inloggen